Ga naar de inhoud
Ga naar de inhoud
Home » Nieuws » Passiefhuis vs. bijna-energieneutraal: verschil, kosten en eisen uitgelegd

Passiefhuis vs. bijna-energieneutraal: verschil, kosten en eisen uitgelegd

Passiefhuis vs. bijna-energieneutraal zijn twee populaire bouwconcepten voor energiezuinig wonen. Bovendien zit het verschil vooral in de aanpak: een passiefhuis minimaliseert de energievraag door extreme isolatie. Daarentegen combineert een BENG-woning die vraag met hernieuwbare energieopwekking. Echter, beide concepten leiden tot zeer energiezuinige woningen. Toch verschillen de kosten, eisen en praktische toepassingen aanzienlijk. Daarom leggen EP-adviseurs van Labelcert in deze blogpost uit wat deze bouwconcepten precies inhouden en wat ze kosten.

Wat is een passiefhuis?

Een passiefhuis is een extreem energiezuinig bouwconcept. Bovendien richt het zich op het minimaliseren van de energievraag. Daarom zijn de isolatie-eisen zeer streng. Namelijk, de maximale verwarmingsbehoefte mag niet hoger zijn dan 15 kWh/m² per jaar. Ter vergelijking: een gemiddelde nieuwbouwwoning gebruikt zo’n 50 kWh/m² per jaar voor verwarming.

Het primair energieverbruik bedraagt maximaal 120 kWh/m² per jaar. Bovendien moet de woning luchtdicht zijn. Daarbij is de maximale infiltratiewaarde 0,6 luchtverversingen per uur. Vervolgens wordt deze technische eis getoetst via een blowerdoortest tijdens de bouw.

Kenmerken van een passiefhuis volgens NTA 8800

Een passiefhuis bereikt zijn extreme energieprestatie door vijf kernprincipes. Ten eerste wordt de thermische schil superieur geïsoleerd. Daarbij gelden Rc-waarden van minimaal 8 m²K/W voor muren. Daarnaast worden hoogwaardige ramen gebruikt met een U-waarde van maximaal 0,8 W/m²K (triple glas met HR+++ beglazing).

Vervolgens zorgt mechanische ventilatie met warmteterugwinning (WTW) voor een rendement van minimaal 75%. Ook worden koudebruggen volledig geëlimineerd door constructieve maatregelen. Ten slotte zorgt passieve zonnewinst via grote raamoppervlakken voor gratis verwarmingsenergie. Echter, actieve verwarmingssystemen zoals cv-ketels zijn niet nodig door de lage energievraag.

Wat is een bijna-energieneutraal huis (BENG)?

Een bijna-energieneutraal huis voldoet sinds 1 januari 2021 aan de verplichte BENG-normen. Bovendien zijn deze normen vastgelegd in het Bouwbesluit. Daarnaast worden ze berekend volgens de NTA 8800. Daarbij bestaan de BENG-eisen uit drie indicatoren: BENG1, BENG2 en BENG3.

BENG1 stelt eisen aan de energievraag voor verwarming, koeling en bevochtiging. Voor een gemiddelde eengezinswoning ligt deze grenswaarde rond 50 kWh/m² per jaar. Daarnaast bepaalt BENG2 het toegestane primair fossiel energiegebruik. Daarom zijn woningen verplicht om van het aardgas af te gaan.

BENG-eisen en hernieuwbare energie

BENG3 schrijft voor dat minimaal 100% van het energiegebruik moet worden opgewekt met hernieuwbare bronnen. Aldus zijn bijna alle nieuwbouwwoningen uitgerust met zonnepanelen of een warmtepomp. Daardoor kan een woning op jaarbasis netto evenveel energie opwekken als gebruiken.

Echter, BENG-woningen stellen minder strenge eisen aan de isolatie dan passiefhuizen. Namelijk, een BENG-woning kan volstaan met Rc-waarden van 4,5 tot 6 m²K/W. Daardoor is de feitelijke warmtevraag hoger. Toch wordt dit gecompenseerd door energieopwekking. Deze benadering is geregistreerd in het officiële BENG-kader van RVO.

Passiefhuis vs. bijna-energieneutraal: de belangrijkste verschillen

Het kernverschil tussen passiefhuis vs. bijna-energieneutraal zit in de filosofie. Namelijk, een passiefhuis minimaliseert de energievraag door passieve maatregelen zoals isolatie en kierdichting. Daarentegen richt een BENG-woning zich op het balanceren van vraag en opwekking.

Bovendien voldoet een passiefhuis niet automatisch aan de BENG-eisen. Want hoewel de energievraag extreem laag is, vereist BENG3 expliciete hernieuwbare energieopwekking. Omgekeerd kan een BENG-woning de passiefhuis-norm van 15 kWh/m² missen. Namelijk, BENG1 staat drie keer zoveel toe.

Praktische verschillen passiefhuis vs. bijna-energieneutraal volgens ISSO 82.1

Volgens de ISSO 82.1 richtlijn voor EP-adviseurs wordt een passiefhuis gekenmerkt door zijn vrijwel afwezige actieve verwarmingsbehoefte. Daarom kan vaak worden volstaan met een klein bijverwarmingssysteem. Daarentegen zijn BENG-woningen meestal uitgerust met volwaardige warmtepompen.

Ook qua certificering verschillen beide concepten aanzienlijk. Namelijk, een passiefhuis wordt getoetst via het Passive House Planning Package (PHPP). Bovendien kan het een internationaal Passivhaus-certificaat krijgen. Daarentegen worden BENG-woningen geregistreerd in EP-Online, het officiële energielabelregister van RVO.

Kosten passiefhuis vs. bijna-energieneutraal: een realistische vergelijking

Een passiefhuis kost in nieuwbouw tussen de 10% en 30% meer dan een conventionele energiezuinige woning. Daarbij liggen bij kleinschalige projecten de meerkosten vaak rond 20-30%. Echter, bij seriematige bouw dalen deze naar 10-15%. Dus voor een gemiddelde eengezinswoning betekent dit een meerkost van €20.000 tot €50.000.

Desondanks worden deze hogere bouwkosten vanaf het eerste jaar gecompenseerd door extreem lage energiekosten. Namelijk, een passiefhuis gebruikt ongeveer 50% van de energie van een vergelijkbare nieuwbouwwoning. Daarnaast zijn onderhoudskosten voor mechanische installaties beperkt tot €200-€500 per jaar.

BENG-woningen en hun kostenprofiel

Bijna-energieneutrale woningen kosten circa 5-15% meer dan standaard nieuwbouw. Bovendien komen deze meerkosten vooral voort uit zonnepanelen, warmtepompen en verbeterde isolatie. Aldus resulteert dit in een meerkost van €10.000 tot €25.000 voor een eengezinswoning.

Echter, BENG-woningen hebben hogere onderhoudskosten door actieve installaties. Namelijk, een warmtepomp vergt onderhoud van €300-€600 per jaar. Bovendien moeten zonnepanelen na 15-20 jaar worden vervangen. Toch zijn de jaarlijkse energiekosten nagenoeg nul bij correcte balancering. Zoals blijkt uit berekeningen van Milieu Centraal, kan een energieneutraal huis over 15 jaar tot €15.000 besparen.

Subsidies en financieringsmogelijkheden voor passiefhuis vs. bijna-energieneutraal

Voor beide concepten zijn verschillende subsidieregelingen beschikbaar. Namelijk, de ISDE-subsidie ondersteunt maatregelen zoals isolatie, warmtepompen en mechanische ventilatie. Daarbij kan de subsidie voor passiefhuis-specifieke maatregelen oplopen tot €10.000-€20.000 per woning.

Daarnaast biedt de SEEH-regeling tot €30.000 voor grootschalige renovaties naar BENG- of passiefhuis-niveau. Ook zijn via het Warmtefonds rentevoordelige leningen beschikbaar voor verduurzaming. Daarom kunt u een energielabel aanvragen via Labelcert als u meer wilt weten over energielabels.

Groene hypotheken en gemeentelijke regelingen

Naast landelijke subsidies bieden veel gemeenten eigen regelingen voor energieneutrale nieuwbouw. Bovendien kunnen groene hypotheken met NHG extra leencapaciteit bieden voor energiezuinige woningen. Daarom moet u altijd de actuele regelingen controleren op de website van uw gemeente. Tevens vindt u informatie via RVO.nl.

Voor- en nadelen: welke keuze past bij uw situatie?

Een passiefhuis biedt uitzonderlijk wooncomfort door de afwezigheid van tocht en temperatuurverschillen. Omdat de woning zo goed geïsoleerd is, blijft de binnentemperatuur stabiel. Bovendien zijn de energiekosten extreem laag, vaak onder €300 per jaar.

Echter, de hogere initiële investering kan een drempel vormen. Ook vereist een passiefhuis zorgvuldige architectonische planning en gespecialiseerde bouwkennis. Daardoor zijn niet alle aannemers geschikt voor deze bouwmethode.

Voordelen van een BENG-woning

BENG-woningen zijn eenvoudiger te realiseren dan passiefhuizen. Bovendien zijn de bouwkosten lager en de bouwkennis breder beschikbaar. Daarnaast bieden ze toch zeer lage energiekosten door hernieuwbare opwekking. Echter, het wooncomfort is iets minder optimaal door hogere warmtevraag.

Passiefhuis vs. bijna-energieneutraal: conclusie en advies

Uiteindelijk hangt de keuze tussen passiefhuis vs. bijna-energieneutraal af van uw prioriteiten en budget. Namelijk, wie maximaal wooncomfort en minimale energiekosten wil, kiest voor een passiefhuis. Daarentegen biedt een BENG-woning een betaalbare balans tussen comfort en energieprestatie.

Bovendien zijn beide concepten geschikt voor duurzaam wonen. Echter, een passiefhuis presteert beter bij extreme weersomstandigheden door zijn superieure isolatie. Toch zijn BENG-woningen praktischer voor grootschalige projecten en betaalbare woningbouw.

Kortom, laat u adviseren door een gecertificeerd EP-adviseur voordat u beslist. Daarom kunt u contact opnemen met Labelcert voor professioneel advies over passiefhuis vs. bijna-energieneutraal en welke optie het beste bij uw situatie past.

Lees ook: Warmtepomp installateur kiezen: 7 essentiële criteria voor een erkend bedrijf

Meer labelnieuws

Direct aanvragen