Energielabel jaren 70 woning: de oliecrisis staat in de tabel
Geen enkel decennium kent zo groot een intern verschil als de jaren zeventig. Bij bouwjaar 1975 daalt de forfaitaire EP2-basiswaarde met een flinke stap en verdrievoudigt de forfaitaire gevelwaarde. Uw exacte bouwjaar is hier bepalend.
Eenvoudig en zonder gedoe: een adviseur komt bij u langs, wij regelen de registratie en u betaalt pas achteraf.
Wat het bouwjaar doet met het label van een jaren-70-woning
De oliecrisis van 1973 veranderde de Nederlandse woningbouw, en dat is in de rekentabellen terug te zien. Vanaf bouwjaar 1975 gaat de forfaitaire gevelwaarde fors omhoog en volgt het dak in hetzelfde tempo. Een woning uit 1972 en een woning uit 1977 zijn in de labelberekening twee verschillende woningen.
Wat dat voor uw verbeterplan betekent, valt niet te raden. Een lager vertrekpunt geeft namelijk niet vanzelf meer labelstappen: de klassen zijn onderling verschillend breed, dus een maatregel kan in de ene periode net over de grens komen en in de andere net niet. De maatregeltabel op deze pagina rekent dat uit in plaats van het te schatten.
Het berekende uitgangslabel van een jaren-70-woning
Per bouwjaarcohort binnen deze periode: de forfaitaire isolatiewaarden uit ISSO 82.1, en het label waarop de berekening uitkomt voor elk van de vijf woningtypen. Het verschil tussen de woningtypen komt volledig voort uit de hoeveelheid geveloppervlak die aan de buitenlucht grenst.
Waarvan wij uitgaan in deze berekening
- Isolatie op het gemiddelde niveau van de Nederlandse woningvoorraad
- Dubbel glas in de leefruimtes
- Een werkende HR-ketel als verwarming
- Geen zonnepanelen
Dit is een berekening en geen officieel label. Wijkt uw woning van deze aannames af, bijvoorbeeld doordat de spouw al is gevuld of doordat er nog enkel glas in zit, dan valt de uitkomst anders uit. Het officiële label volgt uitsluitend uit een opname op locatie door een gecertificeerde EP-adviseur, die het vervolgens registreert in EP-Online.
1970 tot en met 1974
De laatste jaren van het oude regime: een aanwezige maar lege spouw, en een dak dat forfaitair al meetelt maar nog ver onder het huidige niveau ligt.
1975 tot en met 1979
Na de oliecrisis. De forfaitaire gevel- en dakwaarde springen allebei omhoog en de EP2-basiswaarde daalt met de grootste stap van de hele tabel. De vloer blijft achter, en dat is precies waar de winst in dit cohort zit.
De bouwkundige kenmerken van deze periode
Waar de forfaitaire waarden hierboven vandaan komen, en wat u er in de praktijk aan aantreft. Deze duiding is nadrukkelijk kwalitatief: uw eigen woning kan hiervan afwijken, en juist dat stellen onze adviseurs tijdens de opname vast.
Spouw die na 1975 al deels gevuld is
De forfaitaire gevelwaarde verdrievoudigt bij bouwjaar 1975. Dat wijst op de eerste generatie spouwisolatie. Vaak is die laag naar huidige maatstaven dun, waardoor bijvullen of aanvullen nog steeds zin heeft.
De vloer blijft ver achter
Terwijl gevel en dak na 1975 een sprong maken, blijft de forfaitaire vloerwaarde ver onder beide. In het cohort vanaf 1975 is de vloer daarmee aantoonbaar het zwakste bouwdeel, en de kruipruimte is in deze woningen meestal goed toegankelijk.
Dak met de eerste isolatielaag
Vanaf 1975 telt het dak forfaitair op hetzelfde niveau mee als de gevel. De aanwezige laag is meestal dun. Nadikken vanaf de binnenzijde of meenemen bij een dakvervanging is hier de gebruikelijke route.
Dubbel glas van de eerste generatie
Dubbel glas werd in dit decennium gangbaar, maar zonder coating en zonder gasvulling. De stap naar HR++-glas is daarom in deze woningen een echte stap, geen cosmetische.
Ketel meerdere generaties verder
De oorspronkelijke installatie is overal vervangen, vaak meer dan eens. Hoe recenter de HR-ketel, hoe gunstiger de berekening. Een hybride warmtepomp naast die ketel is in dit type woning een van de zwaarst wegende installatiestappen.
Bloemkoolwijk of doorzonwoning
De doorzonwoning en de bloemkoolwijk dateren allebei uit deze periode. Grote raampartijen op het zuiden helpen in de winter mee, maar vragen wel om aandacht voor oververhitting in de zomer, iets wat in de NTA 8800 apart wordt beoordeeld.
Welke maatregel levert hier de meeste labelwinst op?
Gerekend voor een tussenwoning uit 1970 tot en met 1974, die vanuit de aannames hierboven op D uitkomt bij 290 kWh per m² per jaar. Per maatregel trekken wij het indicatieve EP2-effect van die waarde af en halen wij de uitkomst opnieuw door de klassegrenzen. De volgorde is dus op labelwinst, niet op kosten.
| Maatregel | EP2-effect | Nieuw label | Labelwinst |
|---|---|---|---|
| HR-ketel vervangen door een volledige warmtepomp De grootste enkele installatiestap, mits de schil dat aankan. | -80 | C | 1 labelstap |
| Een ruime set zonnepanelen Een vol dak. In de labelberekening de snelste manier om de laatste tientallen kWh weg te nemen. | -55 | C | 1 labelstap |
| HR-ketel uitbreiden met een hybride warmtepomp De bestaande HR-ketel blijft hangen als bijverwarming. De grootste stap zonder de woning te verbouwen. | -50 | C | 1 labelstap |
| Een beperkte set zonnepanelen Eigen opwek wordt van de EP2-waarde afgetrokken en telt daardoor direct mee in het label. | -30 | D | geen labelstap |
| Isolatie van gemiddeld naar goed niveau Vloerisolatie en extra dakisolatie tillen een gemiddeld geïsoleerde woning naar een goed geïsoleerde schil. | -20 | D | geen labelstap |
| Dubbel glas vervangen door triple glas Grotere stap dan HR++, maar vraagt vaak ook nieuwe kozijnen. | -20 | D | geen labelstap |
| Dubbel glas vervangen door HR++-glas De gangbare glasstap in woningen uit de jaren tachtig en negentig. | -15 | D | geen labelstap |
De grootste labelwinst zit hier in één maatregel: HR-ketel vervangen door een volledige warmtepomp. Dat is één labelstap, van label D naar label C, doordat de EP2-waarde van 290 naar 210 kWh per m² per jaar zakt. Klasse D is 40 kWh per m² per jaar breed. Dat verklaart waarom 4 van de 7 doorgerekende maatregelen op zichzelf binnen D blijven: de stap is reëel, maar net niet groot genoeg om de klassegrens te passeren.
Andere startsituatie: verouderde cv-ketel in plaats van een moderne HR-ketel
Staat er nog een ketel van rond de twintig jaar oud, dan valt het uitgangspunt ongunstiger uit. Vanuit die situatie verschuift de rangorde: de installatie klimt in de maatregeltabel naar boven, omdat er dan een echte inhaalslag te maken is. Het vertrekpunt verschuift daarmee naar E bij 320 kWh per m² per jaar.
| Maatregel | EP2-effect | Nieuw label | Labelwinst |
|---|---|---|---|
| Verouderde cv-ketel vervangen door een volledige warmtepomp All-electric verwarmen. Vraagt een goed geïsoleerde schil, richtwaarde Rc 2,5 of hoger. | -105 | C | 2 labelstappen |
| Verouderde cv-ketel vervangen door een hybride warmtepomp De warmtepomp neemt het grootste deel van de warmtevraag over, de ketel springt bij op de koudste dagen. | -80 | C | 2 labelstappen |
| Een ruime set zonnepanelen Een vol dak. In de labelberekening de snelste manier om de laatste tientallen kWh weg te nemen. | -55 | D | 1 labelstap |
| Verouderde cv-ketel vervangen door een HR-ketel Een HR-107-ketel haalt een duidelijk hoger opwekrendement dan een ketel van twintig jaar oud. | -30 | D | 1 labelstap |
| Isolatie van gemiddeld naar goed niveau Vloerisolatie en extra dakisolatie tillen een gemiddeld geïsoleerde woning naar een goed geïsoleerde schil. | -20 | E | geen labelstap |
| Dubbel glas vervangen door HR++-glas De gangbare glasstap in woningen uit de jaren tachtig en negentig. | -15 | E | geen labelstap |
De grootste labelwinst zit hier in één maatregel: Verouderde cv-ketel vervangen door een volledige warmtepomp. Dat zijn 2 labelstappen, van label E naar label C, doordat de EP2-waarde van 320 naar 215 kWh per m² per jaar zakt. Klasse E is 45 kWh per m² per jaar breed. Dat verklaart waarom 2 van de 6 doorgerekende maatregelen op zichzelf binnen E blijven: de stap is reëel, maar net niet groot genoeg om de klassegrens te passeren.
Deze tabellen laten zien welke richting kansrijk is, niet wat er in uw woning zit. Welke maatregel bij u werkelijk het meeste toevoegt, hangt af van wat er al is gedaan en van wat u kunt aantonen. Onze adviseurs lopen dat tijdens de opname met u door.
Van dit uitgangspunt naar een hoger label
Wilt u weten wat een concrete labelsprong vraagt, dan staat dat per sprong uitgewerkt: welke maatregelen die stap halen, in welke volgorde, en waarom er daarna een nieuwe opname nodig is.
Energielabel jaren 70 in vraag en antwoord
De grenswaarden per labelklasse staan compleet in de grenswaardentabel, met per klasse de energiewaarde en het bijbehorende technische profiel.
Bekijk de grenswaarden Bekijk alle veelgestelde vragenWelk energielabel heeft een jaren 70 woning?
Wat levert het meeste op bij een jaren 70 woning?
Is een warmtepomp verstandig in een jaren 70 woning?
Waarom is 1975 een grens in de berekening?
Verder lezen over deze bouwperiode
- Complete verduurzaming van een jaren-70-woning: rekenvoorbeeld
- Vloerisolatie via de kruipruimte
- Terugverdientijd van vloerisolatie
Naastgelegen bouwperioden
Twijfelt u over het exacte bouwjaar van uw woning, dan zijn dit de perioden die er direct aan grenzen. De verschillen tussen twee opeenvolgende perioden zijn regelmatig groter dan verwacht.
Van berekening naar een officieel label
De uitkomsten op deze pagina zijn een berekening op basis van uw bouwperiode. Uw officiële label volgt uit een opname op locatie: onze gecertificeerde EP-adviseurs leggen vast wat er werkelijk in uw woning zit, en registreren het label meestal binnen 2 tot 5 werkdagen na de opname in EP-Online.
Vraag uw label aan
Door gecertificeerde EP-adviseurs (BRL 9500). Registratie in EP-Online, meestal binnen 2 tot 5 werkdagen na de opname.
Direct aanvragenUw officiële energielabel, snel geregeld
Vanaf €180 · Direct geregistreerd in EP-Online · 10 jaar geldig