Energieneutraal bouwen is voor veel woningeigenaren het ultieme doel bij nieuwbouw of verbouwing. Gemeenten lijken vaak strengere eisen te stellen dan het Bouwbesluit. Echter, juridisch is dat genuanceerder. Vanaf 1 januari 2024 geldt het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) met landelijke BENG-eisen (Bijna Energieneutrale Gebouwen). Daarbij kunnen gemeenten via grondverkoop, tenders en erfpachtvoorwaarden wél hogere duurzaamheidsambities afdwingen. Denk hierbij aan volledige energieneutraliteit of nul-op-de-meter woningen.
Wat is het juridische kader voor energieneutraal bouwen?
Sinds begin 2024 is het Besluit bouwwerken leefomgeving de opvolger van het Bouwbesluit 2012. Bovendien stelt dit Bbl landelijke minimumnormen aan energiezuinigheid, thermische isolatie en luchtdichtheid. Daarnaast zijn de BENG-eisen vastgelegd. Deze worden berekend volgens de NTA 8800 – de Nederlandse technische afspraak voor energieprestatie.
De drie BENG-indicatoren bepalen of nieuwbouw voldoet aan de eis ‘bijna energieneutraal’:
- BENG 1: Maximale energiebehoefte in kWh/m² gebruiksoppervlak per jaar
- BENG 2: Maximaal primair fossiel energiegebruik in kWh/m² per jaar
- BENG 3: Minimum aandeel hernieuwbare energie in procenten
Bovendien gelden minimale isolatiewaarden: Rc ≥ 4,7 m²·K/W voor gevels. Daarnaast geldt Rc ≥ 6,3 m²·K/W voor daken en Rc ≥ 3,7 m²·K/W voor vloeren. Voor ramen en kozijnen geldt een U-waarde van maximaal 2,2 W/m²K per element. Ook geldt gemiddeld maximaal 1,65 W/m²K. Deze eisen zijn uniform en gelden voor heel Nederland.
Mogen gemeenten BENG-eisen aanscherpen bij energieneutraal bouwen?
Nee, gemeenten mogen de landelijke BENG-normen niet zelfstandig aanscherpen in de vergunningtoets. Want de energieprestatie-eisen zijn landelijk geharmoniseerd in het Bbl en vastgelegd in de NTA 8800. Daarom kunnen gemeenten geen eigen ‘lokale BENG-normen’ opleggen. Ook kunnen zij niet afwijken van de verplichte rekenmethode. Kortom, de omgevingsvergunning voor technische bouwactiviteiten moet getoetst worden aan het landelijke publiekrechtelijke kader.
Echter, gemeenten hebben andere instrumenten om duurzaamheidsambities te realiseren. Daardoor ervaren burgers en ontwikkelaars in de praktijk vaak wél strengere eisen dan het Bbl voorschrijft.
Hoe sturen gemeenten toch op energieneutraal bouwen?
Hoewel gemeenten de BENG-eisen niet kunnen wijzigen, sturen zij via andere wegen op hogere ambities. Vervolgens gebruiken zij vooral bij nieuwbouwprojecten deze instrumenten:
Grondverkoop en erfpachtvoorwaarden voor energieneutraal bouwen
Wanneer een gemeente grond uitgeeft, kan zij in de koop- of erfpachtovereenkomst privaatrechtelijke eisen opnemen. Denk aan volledige energieneutraliteit (ENG), nul-op-de-meter (NOM) woningen of all-electric installaties. Ook geldt vaak geen gasaansluiting. Deze voorwaarden zijn contractueel afdwingbaar. Dus wie niet voldoet krijgt de grond niet. Daarmee is energieneutraal bouwen in veel nieuwe wijken in feite verplicht, ondanks dat het Bbl minder streng is.
Tendercriteria en gebiedsontwikkeling
In tenders voor areaalontwikkeling krijgen ontwikkelaars hogere scores als zij energieneutraal of NOM bouwen. Ook krijgen zij punten voor extra zonnepanelen of meer isoleren dan wettelijk verplicht. Wie de tender wint, verbindt zich contractueel tot deze hogere ambities. Zo stimuleren gemeenten innovatie en verduurzaming zonder het Bbl te wijzigen.
Omgevingsvisie en omgevingsplan voor duurzaam bouwen
Via de Omgevingswet kunnen gemeenten in hun visie en omgevingsplan sturen op aardgasvrije of zeer energiezuinige wijken. Voor energieprestatie blijft het Bbl leidend. Echter, ruimtelijke randvoorwaarden beïnvloeden wél de praktijk. Denk aan geen gasinfrastructuur aanleggen of verplicht aansluiten op een warmtenet. Ook gelden er eisen aan dakorientatie voor PV-panelen of maximale bouwhoogte voor optimale zonnewinst.
Daarnaast bieden gemeenten vaak lokale subsidies of leningen voor bovenwettelijke isolatie en extra zonnepanelen. Al met al ervaren woningeigenaren en ontwikkelaars dus vaak een sterkere duurzaamheidsdruk dan het landelijke kader voorschrijft. Bovendien is dit voor hen een prikkel tot verdere innovatie.
Wat betekenen de verschillende energieniveaus bij energieneutraal bouwen?
Er bestaan verschillende begrippen rond energiezuinigheid en energieneutraal bouwen. Milieu Centraal en RVO maken het volgende onderscheid:
BENG – Bijna energieneutraal
Dit is het wettelijke minimum voor alle nieuwbouw sinds 2021. Bovendien heeft een BENG-woning een lage energiebehoefte en wekt zelf een deel van de benodigde energie op. De drie BENG-indicatoren waarborgen dat nieuwbouw aanzienlijk zuiniger is dan oudere woningen. Toch is een BENG-woning niet volledig energieneutraal.
ENG – Energieneutraal gebouw
Een energieneutraal gebouw (ENG) compenseert het gebouwgebonden energiegebruik volledig op jaarbasis. Dit omvat verwarming, koeling, ventilatie, warm tapwater en gebouwgebonden installaties. Daarnaast gebeurt de opwekking in, aan of nabij het gebouw, meestal via zonnepanelen. In het oude EPC-stelsel kwam dit neer op EPC = 0. Dus in BENG-termen betekent het dat het primair fossiel energiegebruik netto rond nul ligt.
NOM – Nul-op-de-meter woning
Een nul-op-de-meter woning gaat nóg verder. Want naast het gebouwgebonden verbruik compenseert zo’n woning ook het gebruikersgebonden huishoudelijke verbruik: apparaten, verlichting en koken. Op jaarbasis levert de woning evenveel energie aan het net als zij afneemt, of zelfs meer. Volgens Milieu Centraal waren er begin 2020 al bijna 12.000 energieneutrale woningen in Nederland. Daarbij waren er duizenden in aanbouw. Deze woningen zijn vaak zelfs energieleverend.
Kortom, BENG is het wettelijk minimum, ENG is volledig energieneutraal voor gebouwfuncties en NOM is energieneutraal inclusief bewonersgebruik.
Kosten van energieneutraal bouwen: wat betaalt u?
De investeringen voor energieneutraal bouwen variëren sterk per project, woningtype en marktprijzen. Desondanks geven indicatieve bandbreedtes inzicht in wat u kunt verwachten.
Meerprijs bij nieuwbouw voor energieneutraal bouwen
Een standaard BENG-woning is al relatief energiezuinig. Echter, de stap naar ENG of NOM vraagt extra investeringen in meer zonnepanelen. Vaak gaat het om 14 tot 20 stuks in plaats van 8. Ook is zwaardere isolatie (Rc ≥ 6 overal) nodig. Daarnaast is een groter warmtepompsysteem met eventueel bodemlus vereist. Tevens zijn er soms uitgebreide monitoring of domotica. Daardoor ligt de meerinvestering vaak tussen €10.000 en €30.000 bovenop een standaard BENG-woning voor een eengezinswoning in de vrije sector.
In ruil zijn de energielasten vrijwel nul of sterk verlaagd. Uiteindelijk kunnen de meerkosten zich terugverdienen in 10 tot 20 jaar via lagere energierekeningen. De exacte terugverdientijd hangt af van energieprijzen, de salderingsregeling en financieringskosten. Wilt u berekenen wat energieneutraal bouwen u oplevert? Vraag dan een vrijblijvende prijsopgave aan.
Bestaande woning naar energieneutraal
Voor een gemiddelde hoek- of twee-onder-een-kapwoning kunt u globaal rekenen op de volgende bedragen per maatregel:
- Dakisolatie tot hoog niveau: enkele duizenden euro’s
- Gevelisolatie (spouw of buiten-/binnengevel): enkele duizenden tot ruim €10.000
- Vloerisolatie en HR++ of triple glas: vergelijkbare ordegrootte
- Hybride of volledige warmtepomp: meestal €6.000 tot €15.000 inclusief installatie
- Zonnepanelen (10-16 stuks): grofweg €4.000 tot €8.000
Een compleet traject naar energieneutraal kan daarmee uitkomen op €30.000 tot €60.000 of meer. Dit hangt af van de huidige staat en gekozen kwaliteit. Daarom is een maatwerkadvies onmisbaar. Ook zijn er subsidies en leningen die de kosten verlagen.
Subsidies en leningen voor energieneutraal bouwen
Gelukkig zijn er diverse regelingen die de investering verlichten. Denk aan de ISDE-subsidie voor warmtepompen via RVO. Ook bieden gemeenten vaak lokale leningen of subsidies voor isolatie en zonnepanelen. Vervolgens kunnen woningeigenaren gebruikmaken van de Nationale Hypotheek Garantie voor energiebesparende maatregelen. Ten slotte is het Warmtefonds beschikbaar voor leningen tot €70.000 zonder BKR-toetsing. Kortom, energieneutraal bouwen wordt steeds toegankelijker door deze financiële steun.




